Verklaring C. A. Redfern

(Nieuwe Tilburgse Courant, 8 juni 1917)

De heer C. A. Redfern, die van het ongeluk getuige is geweest, deelde aan De Telegraaf het volgende mede: Het zal goed half vier zijn geweest, toen we met een 70 KM.-vaart Culemborg achter ons lieten. Ik zat in de restauratiewagen, die slechts door een postrijtuig van de locomotief gescheiden was; achter den restauratiewagen volgde een rijtuig le en 2e klasse vervolgens drie wagens 3e klasse en daarachter de twee koninklijke rijtuigen.

Even voorbij de halte Schalkwijk werd de trein hevig door elkaar geschud en voelden wij sterk remmen. Het schor, knarsend gekraak kan hoogstens een minuut geduurd hebben.

We stonden stil. Ik stak mijn hoofd uit een raampje, maar kon door, de zware stofwolken nauwelijks ontwaren wat er gebeurd was. Toen ik de restauratiewagen verlaten had drongen uit den chaos van ijzer en hout hulpkreten tot mij door.

„Water! Water!”

Rechts van de spoorbaan zag ik een wachthuisje met een pomp staan. Onder den indruk van het oogenblik scheen ik geheel over mijn zenuwen heen te zijn, Bij de pomp stonden vier emmers. Twee met vuil water, een met wasgoed en een lege. De laatste was echter lek. Ik gooide het wasgoed in deze emmer, spoelde de andere om, pompte haar vol en begaf me met een beker, die aan de pomp hing, weer naar de ruïne. Een vrouw stapte juist uit een der rijtuigen. Werktuigelijk bood ik haar de beker water aan. “Eerst de gewonden”. luidde het kalm en beslist. Toen herkende ik haar plotseling: Het was uw Koningin.

Mr. Redfern vervolgde vol bewondering: Zij gedroeg zich als een „lady” in de meest, verheven zin van het woord (Wij Engelschen zijn een flegmatiek volk, maar als zij de Koningin van Engeland was geweest zouden wij haar in een jubel van nationale trots op de schouders hebben gedragen. Uit haar houding sprak vertrouwen, troost en zelfbeheersing. Zij knielde neer hij een Duitse vrouw, die het bewustzijn had verloren, liet het hoofd, op haar arm rusten en verzocht mij de beker aan de witte lippen te brengen. Ginds zat een oude man en het bloed droop uit zijn manchetten en de Koningin sprak hem woorden van troost toe.

Boven allen lof verheven was ook de houding van de inspecteur van vervoerwezen, die H. M. vergezelde. Hoewel hij zelf zwaar bloedde uit een hoofdwonde, wenste hij niet geholpen te worden, alvorens anderen hulp te hebben verleend.

Waren er veel gewonden?
Gelukkig niet en het mag een wonder heten dat er zelfs geen doden te betreuren zijn. De locomotief, de post- en de restauratiewagen zijn in de rails blijven staan, de 1e én 2e klassewagon waren uit de rails gesprongen, het eerste 3e klasse rijtuig stond dwars over de baan, de beide volgende 3e klasse wagens waren geheel omver geworpen, terwijl de Koninklijke rijtuigen uit de baan waren gedrukt en rechthoekig op elkaar stonden, zonder nochtans om te vallen.

Kunt u ook iets over de vermoedelijke oorzaak van het ongeluk mededeelen?
Het is wel merkwaardig, dat de eerste drie wagens niet ontspoord zijn en de daarop volgende wel. Brengt men daarbij het feit in verband, dat de dwarsliggers over grooten afstand van “de rails hebben losgelaten, omwoeld en versplinterd zijn, dan moet het ongeluk waarschijnlijk worden toegeschreven aan onvoldoende zorg aan de baan. Ik hoorde, dat men dan ook inderdaad bezig is de dwarsliggers op dit traject na te kijken en dit komt mij niet overbodig voor.

Nogmaals, men mag van geluk spreken, Wat het ongeluk geen ernstige gevolgen heeft gehad en dit is m.i. in de eerste plaats te danken aan de tegenwoordigheid van geest van den man op de locomotief, die de eerste onregelmatige schokken voelende, den trein in den kortst mogelijke tijd ‘tot stilstand heeft gebracht.

U wilt mij zeker wel veroorloven namens de reizigers’ dezen onbekenden held een woord van warmen dank en bewondering voor zijn koen gedrag over te brengen, aan welk verzoek wij volgaarne voldoen.

Hoe hebt u ‘de plaats des onheils verlaten?
Na een uurtje kwamen uit Houten een paar reservewagens, waarin alle reizigers plaats konden nemen. De Koningin wilde van geen gereserveerde coupé hooren; zij nam plaats te midden van haar lotgenoten met wie zij aan den dood was ontsnapt.

In september 2018 is in het blad Het Kromme-Rijngebied een artikel van 27 pagina’s verschenen over 150 jaar Staatslijn H. U kunt deze uitgave bestellen op de website van de Historische Kring Tussen Rijn en Lek